Karel en de keizerlijk aubergine snor
EEN ABSURD VERHAAL VOOR HET SLAPENGAAN

EEN ABSURD VERHAAL VOOR HET SLAPENGAAN
Karel en de keizerlijk aubergine snor
Samen bedacht door Marion en Codex
1. De koelkast fluistert

Om precies 03:17 werd Karel wakker van zijn koelkast, die fluisterde: "We moeten praten over wat je gisteren in het groentevak hebt gelegd."
Karel moest nog even rustig wakker worden. Hij keek verdwaasd naar de koelkast. "Hoor ik jou nou tegen mij praten?" vroeg hij met grote ogen.
"Nee, Karel," zuchtte de koelkast. "Ik praat tegen de komkommer achter je."
Karel draaide zich langzaam om. Op zijn kussen lag een komkommer met een klein koffertje. De komkommer klapte het open. Het zat vol piepkleine paspoorten, allemaal met Karels foto erop, maar telkens met een andere snor.
"Jij moet vóór zonsopgang kiezen welke Karel je voortaan bent," fluisterde de komkommer. De koelkast kuchte. "En schiet een beetje op. De broodrooster heeft jullie al verraden."
2. Negenenveertig Karels

Karel grabbelde in het koffertje en haalde een paspoort tevoorschijn. Op de foto droeg hij een paarse krulsnor. Bij beroep stond: tijdreizend loodgieter.
Plotseling begon de gootsteen te kolken. "Te laat!" gilde de komkommer. "Karel uit volgende week is onderweg, en hij is woedend!"
Uit de afvoer verscheen een hand met een paarse snor tussen de vingers. "Hoeveel Karels zijn er eigenlijk?" vroeg Karel.
"Volgens de administratie zevenenveertig," zei de komkommer. "Achtenveertig," verbeterde de koelkast. Uit de gootsteen klonk: "Negenenveertig! En één van jullie heeft mijn snor gestolen!"
3. De snorreninspecteur

"Maar u hebt de paarse snor toch in uw hand?" vroeg Karel. "Dat is mijn reservesnor!" bulderde de stem. "Mijn echte snor is veel paarser!"
De Snorreninspecteur wurmde zich uit de gootsteen in een druipnat pak. Hij hield een officiële kleurenkaart omhoog. "Dit is pruimpaars. Mijn snor is keizerlijk aubergine."
De dader had drie sporen achtergelaten: broodkruimels, tandpasta en een treinkaartje naar Parijs. Iedereen keek langzaam naar de broodrooster.
"Wat?" piepte die. "Een broodrooster mag toch dromen?"
Toen klonk er boven hen een nies. Iedereen keek omhoog. Aan het plafond hing de stofzuiger, met een schitterende keizerlijk aubergine snor.
4. De stofzuiger bekent

"Aha! Jij hebt mijn snor!" riep de inspecteur. "Geef hem onmiddellijk terug!"
"Oké," zei de stofzuiger. Hij gaf de snor terug en mompelde: "Sorry. Hij is ook zó mooi."
De inspecteur drukte de snor trots onder zijn neus. Meteen begonnen alle keukenlaadjes te applaudisseren. Als straf plakte hij zijn reservesnor op de stofzuiger, die onmiddellijk Frans begon te spreken.
"Mon dieu! Ik moet naar Parijs!" riep de stofzuiger. "Eindelijk!" juichte de broodrooster. "Ik heb de kaartjes al gekocht."
Toen ging de deurbel. Voor de deur stond een pinguïn met een aktetas. "Goedemorgen. Ik kom voor de koelkast. Hij blijkt de koning van Antarctica te zijn."
5. Welterusten, Karel

Karel gaapte. Inmiddels stond hij nergens meer van te kijken. "Jullie doen maar wat jullie moeten doen. Ik ga slapen en zie morgen wel wat er nog in huis staat."
Hij draaide zich om en viel in een diepe slaap. Hij droomde over mooie velden vol klaprozen en korenbloemen. Zijn droom was zo mooi dat hij niet meer wakker te krijgen was.
De komkommer sloot zijn koffertje en maakte een diepe buiging voor de koelkast. Daarna groette hij de pinguïn en verdween langzaam in de nacht.
"Goed," zei de koelkast. "Dan gaan wij maar eens naar Antarctica." Samen liepen de koelkast en de pinguïn de deur uit.
De woning werd weer stil, op het gesnurk van Karel na. Alleen stonden er de volgende ochtend natte pinguïnvoetafdrukken in de gang, lag er een paarse snor in de gootsteen en was de koelkast verdwenen.
Karel keek naar de lege plek in de keuken en zuchtte. "Nou ja… dan hoef ik hem vandaag ook niet schoon te maken."
EINDE
