Krieltje en de sterrenkijknacht

17-07-2026

We gaan sterren en planeten bekijken vannacht! Kluitje heeft een telescoop en weet alles over sterren en planeten. Wat zullen ze allemaal zien?...

Krieltje en de sterrenkijknacht

16-07-2026

Krieltje keek die middag al drie keer naar de lucht. Geen wolkje te zien. "Vanavond wordt het helder," zei ze tegen Kerrie. "En dat betekent maar één ding." Kerrie tilde zijn kop op. "Eten?" vroeg hij hoopvol. "Nee," zei Krieltje. "Sterrenkijknacht." Die avond kwam Krieltje terug naar de tuin met dekentjes, thee, koekjes en een klein lampje. Kluitje kwam even later door het tuinhekje met een telescoop onder zijn arm. "Voor serieus sterrenkundig onderzoek," zei hij plechtig. Noa, Francis en Camilia zaten meteen rechtop. Katten waren tenslotte nachtdieren. "Eindelijk normale kijktijd," zei Noa. Kerrie gaapte. Kipje stond boven op de compostbak. "Ik blijf de hele nacht wakker," zei ze. "Ik ben tenslotte ook een vogel." "Een dagvogel," zei Camilia. "Details," zei Kipje. Kluitje zette de telescoop stevig op het gras. Krieltje legde dekentjes klaar. Een grote voor Kerrie, kleinere voor Francis en Camilia, een stoel voor Noa en een moskussentje bij het holletje van de veenmol. Daarna ging Kluitje naast de telescoop staan alsof hij voor een klas stond. "Sterren zijn eigenlijk verre zonnen," zei hij. "Planeten draaien om een zon. En de maan weerkaatst het licht van de zon." Een slak keek ernstig omhoog. "Dus de maan is een soort spiegel?" "Een beetje," zei Kluitje. "Kan hij dan ook zien dat ik moe ben?" vroeg de slak. "Waarschijnlijk wel," zei Noa. Krieltje ging naast Kluitje zitten. "Wat bekijken we eerst?" "De maan," zei Kluitje. "Die is groot, duidelijk en klaagt niet als je naar hem kijkt." "Handig," zei Krieltje. Kluitje draaide voorzichtig aan een knopje. Allebei keken ze bloedserieus. "Ik zie kraters," fluisterde Kluitje. Krieltje keek ook. "O ja. Mooie luxe putjes." "Kraters," zei Kluitje. "Luxe kraters," zei Krieltje. Kluitje wilde haar verbeteren, maar hij moest lachen. Krieltje keek hem aan met haar magische ik-heb-je-door-glimlach. Kluitje keek snel terug naar de telescoop. "Wetenschappelijk gezien moeten we nu opnieuw scherpstellen," zei hij. "Wetenschappelijk gezien wel," zei Krieltje. Ondertussen werd het op de dekentjes stiller. Kipjes kop zakte naar beneden. "Kipje," fluisterde Krieltje. "Je mist de maan." Kipje schrok wakker. "Ik sliep niet. Ik was vanbinnen aan het kijken." Even later snurkte Kerrie zacht tegen de sterren. De veenmol kwam met een slaapmutsje boven de grond. "Zijn de sterren al begonnen?" "Die waren er al," zei Camilia. "O," zei de veenmol. "Dan ben ik op tijd." En hij zakte half slapend tegen zijn moskussentje. Alleen de katten waren klaarwakker. "Waarom valt iedereen om?" vroeg Francis. "Het is nacht," mompelde Kerrie. "Precies," zei Camilia. "Dan word je toch wakker?" Toen keek Camilia door de telescoop. Heel even zei ze niets. Toen werd haar staart langzaam dikker. "Ik zie iets groots," fluisterde ze. "Een planeet?" vroeg Kluitje. "Nee," zei Camilia. "Het heeft pootjes." Noa kwam overeind. "Dat klinkt niet als een planeet." Francis sprong naast haar. "Eindelijk. Nachtactie." Krieltje keek door de telescoop. Kluitje boog tegelijk naar voren, waardoor hun hoofden zacht tegen elkaar botsten. "Auw," fluisterde Kluitje. "Sorry," fluisterde Krieltje. Heel even keken ze elkaar aan. Toen glimlachte Krieltje. "Daar is het," zei ze snel. "Ik zie het ook." In het beeld bewoog iets groots en donker. Het had voelsprieten. En pootjes. Veel pootjes. Kluitje slikte. "Dat staat niet op mijn sterrenkaart." Kerrie sprong op. "Moet ik blaffen?" "Nog niet," zei Krieltje. Ze liep naar de voorkant van de telescoop. Noa liep mee, want onderzoeken ging beter met een kat erbij. Daar, precies op de lens, liep een piepklein miertje heen en weer. "Hallo," zei het miertje. "Is dit de weg naar de compostbak?" Krieltje begon te lachen. Kluitje ook. Camilia keek beledigd naar de telescoop. "Hij was reuzegroot," zei ze. "Door de telescoop," zei Kluitje. "Als iets heel dichtbij op de lens zit, lijkt het enorm." Het miertje keek trots. "Dus ik was even een ruimtereus?" "Een tuinruimtereus," zei Krieltje. Ze zette het miertje op een blaadje en wees naar het pad richting de compostbak. Daarna werd het weer stil. De maan hing boven het donkere moestuinhuisje. Overal lagen slaperige dieren op dekentjes, blaadjes en moskussentjes. Toen schoot er ineens een vallende ster langs de hemel. "Heb je hem gezien?" fluisterde Kluitje. Krieltje knikte. "Wens doen," zei Francis. Iedereen was even stil. Zelfs de slakken. Toen stak de veenmol slaperig zijn kop boven de grond. "Ik wens," mompelde hij, "dat niemand ooit vergeet om omhoog te kijken." Krieltje glimlachte. "Dat is een hele goede wens," zei ze zacht. En onder de grote sterrenhemel viel bijna iedereen in slaap. Behalve de katten natuurlijk. Die hadden nachtdienst.  

Share