Krieltje en het piepende tuinhekje
Het tuinhekje piept wel heel hard nu en gaat ook moeilijker open. Maar Krieltje mag niet teveel olie gebruiken... want het hekje zegt meer dan Ieeeeeeeeee!

Krieltje en het piepende tuinhekje
Krieltje kwam die ochtend met Kerrie bij de tuin aan. In de fietskar lagen Francis en Camilia nog een beetje slaperig tegen elkaar aan. Het was vroeg, maar de tuin was al wakker.
Krieltje zette haar fiets neer en deed het tuinhekje open.
"Ieeeeeeeeeeeeeeeeee!"
Krieltje bleef midden in de beweging staan.
Kerrie deed één oor omhoog.
Francis stak haar kop uit de fietskar.
Camilia keek alsof iemand net op haar staart was gaan staan, terwijl dat helemaal niet zo was.
"Ik weet het," zei Krieltje tegen het hekje. "Je hoeft niet zó dramatisch te doen."
Ze duwde het hekje nog een stukje verder open.
"Ieeeee!"
"Ja, ja," zei Krieltje. "Ik hoor je."
Uit de bessenstruik kwam Noa tevoorschijn. Ze liep langzaam naar het pad, ging zitten en keek naar het hekje alsof ze het al jaren verdacht vond.
Kerrie liep voorzichtig naar het hek en snuffelde aan het scharnier.
"Ieeee," piepte het hekje nog één keer zacht.
Kerrie sprong achteruit.
"Het bijt niet," zei Krieltje.
Kerrie keek haar aan.
"Volgens mij niet," verbeterde Krieltje.
Ze liep naar het huisje en haalde haar gereedschapskist. Daarin zat een doekje, een klein borsteltje en een flesje olie voor piepende dingen.
"Vandaag," zei Krieltje plechtig, "gaan wij dit hekje helpen."
Maar precies toen ze het flesje olie open wilde draaien, klonk er geritsel uit de lavendel.
"Wacht!" riep een klein stemmetje.
Krieltje keek op.
Tussen de paarse bloemetjes stond een muisje met beide pootjes in de lucht.
"Niet zomaar stil maken!" piepte hij.
Krieltje knipperde met haar ogen. "Waarom niet?"
"Dat hekje waarschuwt ons," zei het muisje. "Als jij eraan komt, horen wij dat. Dan weten we dat er broodkruimels, waterbakjes, rare plannen of gezellige dingen gebeuren."
"Precies," zei een tweede muisje, dat onder een blad vandaan kwam. "En als Kluitje komt, horen we dat ook. Zijn voetstappen zijn anders, maar het hekje zegt altijd eerst: ieeee."
Krieltje keek naar het hekje.
Het hekje hing er onschuldig bij.
Toen kwam er een slak langzaam over een steen gekropen.
"Ik wil ook iets zeggen," zei de slak.
Iedereen wachtte.
En wachtte.
En wachtte nog een beetje.
"Het piepje," zei de slak eindelijk, "is handig."
"Waarom?" vroeg Camilia.
"Dan weet ik dat ik nog even tijd heb om van het pad af te gaan," zei de slak. "Niet veel tijd. Maar voor mij telt elke seconde."
Kerrie ging naast Krieltje zitten. Hij leek het allemaal best interessant te vinden, al begreep hij vooral dat er veel gepraat werd en niemand iets gooide.
Krieltje zette het flesje olie op de grond.
"Dus jullie willen dat het hekje blijft piepen?"
"Niet zó hard," zei Noa droog.
Dat was Noa's eerste bijdrage aan de vergadering, en meteen een hele duidelijke.
"Daar ben ik het mee eens," zei Krieltje. "Het klinkt nu alsof er een pan soep schrikt."
Uit de composthoek klonk gelach. Waarschijnlijk van de muizen. Misschien van de regenwormen. Bij regenwormen wist je dat nooit helemaal zeker.
Krieltje hurkte bij het scharnier. Ze keek goed. Er zat een beetje roest, wat zand en een klein plukje spinrag.
"Geen wonder dat je zo gilt," zei ze tegen het hekje. "Je zit helemaal vastgekoekt."
Ze maakte het scharnier voorzichtig schoon met het borsteltje. Daarna deed ze één piepklein druppeltje olie op het bovenste scharnier.
"Niet te veel," zei het muisje bezorgd.
"Rustig maar," zei Krieltje. "Ik maak er geen sluiphek van."
Ze bewoog het hekje heen en weer.
"Ieee."
Iedereen hield zijn adem in.
Krieltje deed nog een minuscuul drupje olie op het onderste scharnier.
Toen bewoog ze het hekje opnieuw.
"Iep."
Het was geen gil meer. Geen lange, schrille, dramatische piep.
Gewoon een klein iepje.
Kerrie kwispelde.
Francis kwam uit de fietskar en liep naar het hek.
"Iep," deed het hekje toen zij erlangs ging.
Camilia volgde.
"Iep."
Noa liep er expres heel langzaam doorheen.
"Iep."
Noa keek tevreden. "Dat kan ermee door."
Krieltje glimlachte. "Dan houden we het zo."
Ze pakte een stukje hout en schreef erop:
Niet helemaal stil maken.
Dit hek zegt hallo.
Kluitje kwam even later de tuin in.
"Iep," zei het hekje.
Kluitje bleef staan. "Wat was dat?"
"Ons tuinhekje," zei Krieltje. "Het is gerepareerd."
Kluitje keek naar het hek. Toen naar het bordje. Toen naar Krieltje.
"Gerepareerd?" vroeg hij.
"Ja," zei Krieltje. "Het piepte eerst veel te hard. Nu zegt het alleen nog netjes hallo."
Kluitje deed het hekje dicht en weer open.
"Iep."
Hij knikte ernstig. "Heel beleefd hekje."
"Precies," zei Krieltje.
Die middag ging iedereen nog een paar keer door het tuinhekje. Niet omdat het moest, maar gewoon om te luisteren.
"Iep."
"Iep."
"Iep."
Aan het eind van de dag deed Krieltje het hekje dicht.
"Iep," zei het zacht.
"Dag hekje," zei Krieltje.
En ergens onder de lavendel zei een muisje tevreden: "Tot morgen."
