Krieltjes pannenkoekenfeest
Jaaaaa! We hebben een klein feestje vandaag!! Niet zomaar een feestje... een pannenkoekenfeestje!

Krieltjes pannenkoekenfeest
Krieltje kwam de tuin op met een tas aan haar stuur, een tas
op haar rug en nog een tas in haar fietskar.
Kerrie zat tussen de tassen en keek alsof hij onderweg al drie keer had willen vragen wat erin zat. Francis en Camilia zaten ernaast. Noa liep, zoals meestal, al ergens op de tuin rond en kwam pas kijken toen ze vond dat het tijd was.
"Vandaag," zei Krieltje plechtig, "is het pannenkoekendag."
Krieltje zette een klein houten bordje bij het huisje in de grond.
Daarop stond:
Vandaag pannenkoekendag
"Kerrie," zei Krieltje, "wil jij Kluitje halen?"
Ze pakte een briefje uit haar tuinschrift en schreef:
Lieve Kluitje,
vandaag is het pannenkoekendag op onze tuin.Kom je ook?
Liefs,Krieltje en alle dieren
Ze vouwde het briefje dubbel.
"Rustig lopen," zei ze. "Niet racen. En niet onderweg verliezen."
Kerrie keek beledigd.
Alsof hij ooit zomaar een officiële pannenkoekenbrief zou verliezen.
Toen Kerrie weg was, zette Krieltje de tafel bij het huisje klaar. Eerst het kleed. Daarna de borden, de bekertjes, de beslagkom, de garde, de pan en het kleine kookplaatje.
Daarna zette ze de spullen voor de dieren apart.
"Mensenpannenkoeken links," zei ze. "Dierenpannenkoeken rechts."
Francis ging precies in het midden zitten.
"Dat is dus niet links en niet rechts," zei Krieltje.
Even later kwam Kluitje het tuinpad op, met Kerrie trots naast zich. Kluitje hield het briefje omhoog.
"Een officiële pannenkoekenuitnodiging," zei hij. "Die kun je natuurlijk niet weigeren."
Kerrie ging naast Krieltje zitten en keek alsof hij de halve organisatie op zijn rug had gedragen.
"Goed gedaan," zei Krieltje.
Kerrie kwispelde.
Kluitje keek naar de tafel.
"Zo. Dat is serieus pannenkoekenwerk."
"Met regels," zei Krieltje. "Mensenpannenkoeken zijn voor mensen. Dierenpannenkoeken zijn voor dieren."
"Dan maak ik de dierenpannenkoeken," zei Kluitje.
Kerrie ging meteen rechter zitten.
"Niet te vroeg juichen," zei Kluitje. "Die van jou wordt van je eigen brokjes."
Krieltje maakte ondertussen het beslag voor de gewone pannenkoeken. Bloem in de kom, melk erbij, een eitje erbij en roeren maar.
Eerst ging dat netjes.
Toen iets minder netjes.
Er kwam een klein wolkje bloem op haar neus.
Kluitje grinnikte.
"Niet lachen," zei Krieltje. "Dat hoort bij professioneel bakken."
"Ah," zei Kluitje. "Bloemneus-techniek."
Kluitje deed wat van Kerries brokjes in een schaaltje, goot er een beetje warm water bij en prakje-prakte alles fijn. Daarna drukte hij het plat tot een rond koekje.
"Een brokjespannenkoek," zei hij.
Kerrie keek ernaar alsof hij nog nooit zoiets moois had gezien.
Voor Noa, Francis en Camilia maakte Kluitje kleine kattenpannenkoekjes van hun eigen voer. Geen melk. Geen kruiden. Geen zout. Alleen wat voor poezen bedoeld was.
Noa kwam dichterbij.
Heel rustig.
Veel te rustig.
"Wacht," zei Kluitje.
Noa ging zitten.
Maar haar staartpunt bewoog.
Voor Kipje pakte Krieltje een laag rond schaaltje. Daar strooide ze zaadjes en graantjes in, helemaal netjes tot aan de rand.
"Zo," zei ze. "Een zaadpannenkoek."
Kipje keek er ernstig naar.
"Hij is rond," zei ze tevreden. "Dan telt hij."
De slakken kregen frisse blaadjes op een schoteltje. De muisjes kregen een zaadkruimeltje op een dopje. De veenmol kreeg iets lekkers bij zijn holletje. Voor de wilde vogels had Krieltje kleine vogelhapjes in de appelboom gehangen, hoog en veilig.
"Restaurant met uitzicht," zei Kluitje.
Toen was het tijd voor de mensenpannenkoeken.
Krieltje schepte beslag in de pan.
Het liep naar links.
Toen naar rechts.
Toen bleef het in het midden liggen als een dikke bobbel.
"Hij ziet er bijzonder uit," zei Kluitje.
"De eerste pannenkoek oefent altijd," zei Krieltje.
Ze probeerde hem om te draaien.
Flap.
De pannenkoek vouwde dubbel.
Kerrie sprong op.
"Nee," zei Krieltje meteen. "Deze is nog steeds voor mensen."
Kerrie ging weer zitten. Een beetje teleurgesteld, maar waardig.
De tweede pannenkoek ging beter. De derde werd bijna rond. De vierde was zo mooi dat Krieltje hem even aan iedereen liet zien.
"Deze verdient applaus," zei ze.
Kipje klapte met haar vleugels.
Dat telde.
Toen alles bijna klaar was, zette Krieltje haar handen in haar zij.
"Nog vijf minuten!" riep ze. "Dan gaan we eten!"
Kerrie ging meteen zitten.
Kipje kwam al half aanrennen.
Francis deed alsof ze toevallig toch al die kant op liep.
Camilia rekte zich uit.
Noa bleef zitten waar ze zat, maar haar oren bewogen wel.
Kluitje keek op en begon te lachen.
"Nou ben je echt een moedertje," zei hij.
Krieltje keek hem streng aan, maar haar mondhoeken deden niet mee.
"Iemand moet hier de pannenkoekenplanning bewaken," zei ze.
Even later zaten ze allemaal op en rond het grote kleed bij het huisje.
Krieltje en Kluitje aten hun pannenkoeken met een beetje stroop. Kerrie kreeg zijn brokjespannenkoek. De poezen kregen ieder een eigen schoteltje. Kipje pikte tevreden uit haar zaadpannenkoek. De slakken begonnen langzaam aan hun blaadjesrondje. De muisjes zaten veilig bij hun dopje. En boven in de appelboom kwamen de vogels voorzichtig kijken.
Het was even stil.
Niet omdat er niets gebeurde.
Maar omdat iedereen at.
"Zie je wel," zei Krieltje zacht. "Iedereen kan pannenkoekendag hebben."
"Als iedereen maar zijn eigen soort pannenkoek krijgt," zei Kluitje.
Kerrie legde zijn kop op zijn poten en zuchtte tevreden.
Volgens Krieltje rook de hele tuin daarna nog uren een beetje naar feest.
